Bij een zwangere dame bemerkt de gynaecoloog een belangrijke intrauteriene groeiretardatie. Antenatale echografie kan geen definitief uitsluitsel geven over de ernst en het type van placentaire abnormaliteit die wordt vermoed. Daarom wordt een foetale MRI uitgevoerd, die op een zwangerschapsleeftijd van 27 weken de aanwezigheid van massieve subchoriale cystes aantoont. De meerwaarde van foetale MRI in deze casus is op zijn minst dubbel:

  1. De techniek geeft ons reeds antenataal de diagnose van “massieve perivilleuze fibrinedepositie” in de placenta, een zeldzame diagnose waarvan de etiologie niet gekend is, maar die meestal leidt tot extreme groeiretardatie en een vroegtijdig miskraam.
  2. Met deze MRI-diagnose kan de hoogrisicozwangerschap verder optimaal gevolgd worden (MIC-opname en multidisciplinair overleg) en kan het tijdstip van de verlossing perfect voorbereid worden. Op 28 weken 5/7 dagen wordt dan ook na een electieve sectio een jongetje van 780 gram geboren, in goede conditie. Bemerk de extreem kleine (slechts 188 gram!) en abnormale placenta (multipele subchoriale cysten met een diameter van 5 tot 6 cm). Op de leeftijd van 3,5 maand wordt het jongetje ontslagen met een gewicht van 2,9 kg en een normaal klinisch-neurologische en echografische hersenbalans.

Vroegtijdige foetale MRI is dus een waardevolle techniek die de clinicus helpt in het accuraat opstellen van een diagnose, het correct inschatten van de prognose voor de foetus, het vergemakkelijken van de antenatale zorg voor de verloskundige en het informeren (counselen) van aanstaande ouders.

Ook nog in Artikels