Af en toe worden patiënten naar onze polikliniek verwezen omdat ze een allergische reactie vertonen op een of meerdere medicamenten. Meestal zijn de patiënten letselvrij op het ogenblik van de raadpleging. Aan de hand van een uitgebreide anamnese wordt beslist of het zinvol is om allergietests uit te voeren. Gezien het risico op vals-positieve tests (bij toxische erupties) en op vals-negatieve tests (bij toediening van corticoïden wegens huideruptie), is het beter de tests uit te voeren ten minste zes weken na het voorval. Dit geeft ons ook de nodige tijd om de tests voor te bereiden.

Anamnese

Bij de anamnese worden eerst enkele algemene vragen gesteld in verband met de allergie:
» Atopische constitutie: persoonlijk/familiaal?
» Beroep?
» Hobby’s?
» Chronische medicatie/medicatie bij koorts of pijn?
» Latexallergie, kruisallergie tussen latex en voeding (banaan, kiwi, advocado,…)?
» Penicillineallergie?
» Problemen met lokale/algemene anesthesie?
» Problemen met contrastvloeistoffen?
» Vroeger ooit huideruptie gehad na inname van bepaalde medicatie?

Nadien worden meer specifieke vragen gesteld over de reactie van de patiënt:
» Tijdstip van de reactie na toediening van de medicatie: onmiddellijk of laattijdig (>24 uur)?
» Klinisch beeld: urticaria, angiooedeem, anafylaxie of exantheem (rash)?
» Algemene symptomen: bloeddrukval/hypotensie, dyspnoe, bronchospasmen, tachycardie,…?

Aan de hand van het verhaal van de patiënt en de informatie van de verwijzende arts beslissen we welke tests we zullen uitvoeren.

Onderzoeken (in volgorde van uitvoering)

Bloedonderzoek: PBO (eosinofielen), totaal IgE, RAST-testen (latex, penicilline, …)
Een belangrijke test is de RAST-test, waarmee de hoeveelheid IgE tegen een bepaald allergeen bepaald wordt. Aan de hand van een bloedonderzoek kan latex- of penicillineallergie opgespoord worden. Een negatieve RAST sluit echter niet met zekerheid latexallergie uit. Wanneer latexallergie vermoed wordt, is verder onderzoek met een priktest noodzakelijk, en indien nodig met een staged exposure test (latex handschoen).
 
Epicutane tests: plakproeven (zie figuur 1)
Deze tests worden idealiter uitgevoerd ter hoogte van de hoge rug. Hierbij worden de allergenen in kamertjes geplakt. Na 48 uur worden de kamertjes verwijderd. Epicutane tests worden steeds afgelezen na 48 uur en na 72 of 96 uur. Bepaalde tests met medicatie (bv.  corticoïden) moeten laat afgelezen worden, met name na één week.

Met epicutane tests kunnen vertraagde overgevoeligheidsreacties opgespoord worden. Ze worden in het kader van de uitwerking van een reactie op medicatie gebruikt in de volgende situaties:
» Bij medicamenteuze toxidermie (type IV reactie), die meestal optreedt tussen dag 1 en dag 10 na de start van de behandeling, wordt het vermoede uitlokkende medicament epicutaan getest. Medicamenteuze toxische erupties
komen voor na toediening van o.a. antibiotica, anti-epileptica en contraststoffen.
» Bij een ‘fixed drug eruption’ (erythème pigmenté fixe, fixe erytheem) wordt de epicutane test met het vermoede medicament op de aangetaste zone geplakt. Een fixed drug eruption is een gelokaliseerd erytheem dat steeds op dezelfde plaats optreedt. Soms is er zwelling of blaarvorming. Een opstoot wordt steeds voorafgegaan door de inname van medicamenten (NSAID, antibiotica, paracetamol, …), één of twee dagen voordien.
» Bij een onmiddellijke reactie, bijvoorbeeld op lokale anesthetica, wordt het commercieel product zuiver geplakt. Plakproeven kunnen hier uitsluitsel geven over een bijkomende type IV reactie op een van de bestanddelen van het anestheticum.
» Soms is het nuttig enkele bijkomende allergenen te kleven:
• Bewaarmiddelen in medicatie: sulfieten, benzozuur, parabenen
• Gebruikt lokaal ontsmettingsmiddel: chloorhexidine, isobetadine.

x

Figuur 1: Epicutane test

 

Priktests: (zie figuur 2)

Priktests worden best uitgevoerd ter hoogte van de buigzijde van de voorarm. Hierbij wordt een druppel van het medicament aangebracht op de huid en doorprikt met een priklancet tot in de oppervlakkige dermis. Een negatieve (fysiologisch water) en een positieve controle (histamine) worden steeds meegeprikt ter vergelijking van de lokale reactie op de prik. Priktests worden afgelezen na twintig minuten.Priktests gebeuren met het zuivere onverdunde medicament. Ze worden o.a. uitgevoerd wanneer latexallergie vermoed wordt, bij een onmiddellijke reactie op lokale anesthetica en bij een medicamenteuze toxicodermie (type IV reactie).Wanneer de priktests uitgevoerd worden, is het belangrijk dat de patiënt enkele dagen geen antihistaminica ingenomen heeft wegens het risico op vals-negatieve reacties.

x

Figuur 2: Priktest

Intradermotests:
Wanneer de priktests negatief zijn, wordt verder intradermaal getest. Hierbij wordt een kleine hoeveelheid allergeen net onder de huid ingespoten. De gebruikte concentratie van het product is afhankelijk van het soort medicatie dat getest wordt. Wanneer verkeerde concentraties gebruikt worden, kunnen valspositieve reacties optreden.De verdunningen van de medicaties worden gemaakt door toevoeging van aqua ad injectabele. Ze worden steriel bereid in de ziekenhuisapotheek.Priktests en de intradermotests worden in de polikliniek uitgevoerd. Anaphylactische reacties tijdens deze testen zijn zeldzaam maar niet onmogelijk.
 
Uitlokkingstests:
Wanneer epicutane tests, priktests en intradermotests negatief zijn, gaat men over op uitlokkingstests. Hierbij wordt het product zuiver toegediend, te starten met een lage dosis die traag opgedreven wordt. Voor de uitvoering van deze tests wordt de patiënt gehospitaliseerd op een eenheid waar cardiorespiratoire monitoring mogelijk is. Er wordt een  waakinfuus geplaatst en de bloeddruk, de ademhalingen de pols worden gevolgd. Na de tests blijft de patiënt nog enkele uren in het ziekenhuis voor opvolging.Uitlokkingstests worden voorlopig enkel uitgevoerd met lokale anesthetica.

Resultaten

Na de uitvoering van de allergietests worden de resultaten met de patiënt besproken en wordt de nodige informatie verstrekt. De patiënt krijgt een allergiepas. Hierop staat niet alleen vermeld op welke allergenen/medicatie hij/zij reageerde, maar ook welke allergietests werden uitgevoerd en welke symptomen de patiënt vertoonde. Er wordt gevraagd deze pas steeds bij zich te hebben. Aan de verwijzende arts en huisarts wordt een uitgebreid verslag toegestuurd.

Ook nog in Artikels