skip to Main Content

azlink 16

Orofaryngale dysfagie – De detectie en behandeling van slikproblemen

In het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV wordt sinds de jaren 80 een logopedist betrokken bij de detectie en behandeling van slikproblemen bij patiënten met diverse pathologieën. De dienst Logopedie kreeg het slikbeleid voor het eerst toevertrouwd met de start van de Eenheid voor Beroertezorg. Hierdoor kon de dienst inzichten uitbouwen inzake een veilige en effi ciënte aanpak van dysfagie. Dit heeft geleid tot uniformiteit in de evaluatie en opbouw van orale voeding bij patiënten met slikklachten, die zowel intern als extern dagelijks worden doorverwezen. De opstart van het Oncologisch Hoofd- en Hals Centrum, met een logopedist als care manager, bood een bijkomende kans om de opgedane expertise bij patiënten met mond- en keeltumoren toe te passen.

Verschuiving van het paradigma in de gynaecologische oncologische chirurgie

De historische evolutie van de chirurgie in de gynaecologische oncologie werd de afgelopen 100 jaar gekenmerkt door enkele mijlpalen, maar vooral in de laatste decennia is er aandacht gekomen voor oncologische chirurgische procedures met minder morbiditeit enerzijds en verbetering op overleving anderzijds.

Bouwen aan expertise in slaaponderzoek

Slaapstoornissen zijn een frequent probleem met een belangrijke impact, en verdienen een geëigende en kwalitatieve aanpak. De vernieuwing van het slaaplabo in het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV is slechts één van de nieuwe impulsen ter bevordering van een optimale diagnostiek en behandeling.

Case study: Een stent voor wheezing

Stridor en wheezing zijn vaak voorkomende symptomen van astma. Toch is het aangeraden deze symptomen steeds nauwkeurig te onderzoeken. Op de dienst Pneumologie van het AZ Sint-Jan BruggeOostende AV kon na een kritische anamnese en een aanvullend radiografi eonderzoek aangetoond worden dat de piepende ademhaling van een patiënt veroorzaakt werd door een longtumor. Het plaatsen van een stent was hierbij de meest adequate behandeling.

Transkatheteraortaklepimplantaties

Eind jaren 50 maakte de ontwikkeling van de hart-longmachine hartklepvervangingen mogelijk. In de loop der jaren werden progressief betere operatietechnieken en klepprotheses geïntroduceerd. Toch blijft er een groeiende groep bejaarde hoogrisicopatiënten waarbij de “klassieke”klepchirurgie als te riskant wordt ingeschat. Voor deze groep patiënten werd TAVI (Transcatheter Aortic Valve Implantation) ontwikkeld.
Back To Top