Skip to content

Voorwoord azlink 56

Editie 56 - Mei 2023

Weet je, er zijn zo van die momenten waarop de twijfel toeslaat. Je blikt terug en denkt hoe ben ik hier terechtgekomen. Op bepaalde momenten in je leven maak je keuzes. Ik herinner me nog dat ik jaren geleden een telefoontje kreeg van een van de radiologen van Sint-Jan. Jan is ondertussen net met pensioen, maar hij vroeg me om naar Brugge te komen. In het verre Leuven donderde en bliksemde het op dat moment alsof er hogere krachten mee gemoeid waren.


Vroeger zou men gerefereerd hebben aan een roeping. Een verschijning heb ik op dat moment niet echt gekregen, anders was dit een gelegenheid om aan dit bijzonder gebeuren een speciale symboliek toe te wijzen. Vroeger zou dit de eerste aanzet voor de oprichting van een persoonlijk bedevaartsoord geweest zijn. Nu ga ik uiteraard veel te ver, dat begrijp ik. Van roepingen en verschijningen was toen helemaal geen sprake. Enkel een simpel telefoontje tijdens een onweersbui. Maar dit momentum bepaalde uiteindelijk wel de rest van m’n levensloop.

Ik belandde in het AZ Sint-Jan van Brugge, ver van m’n oorspronkelijke biotoop. Ik koos voor een specifieke subspecialisatie binnen de radiologie. In deze nieuwe omgeving kreeg ik de faciliteiten om me samen met de collega-radiologen maar zeker ook met alle andere collega’s van het ziekenhuis toe te spitsen op de best mogelijke zorg voor onze patiënten en onze verwijzende huisartsen. Het is boeiend en tegelijk ook beangstigend om te ervaren.

Boeiend omdat je nieuwe inzichten kan verwerven, opbouwen, delen en gebruiken om verdere stappen te zetten in de diagnostiek en de zorgverlening. Beangstigend omdat alles zo vluchtig is en je de realiteitszin moet hebben om de relativiteit van je eigen bijdrage te erkennen. Elk van ons is een kleine schakel in het zorgtraject van een patiënt. Maar elke schakel heeft wel z’n waarde en mag in die zin ook erkend worden. Uiteraard zonder te vervallen in overschatting van die individuele bijdrage. Dit evenwicht tussen kennis, kunde tot bijzondere expertise en tegelijkertijd zelfrelativering binnen het grotere geheel maakt wat mij betreft het verschil. Goede patiëntenzorg, expertise maar ook betrokkenheid bij je patiënt, je omgeving en de organisatie die je de nodige kansen biedt, maakt ons bijzonder. Ik ben blij dit te mogen terugvinden bij alle collega’s in ons huis. Het geeft voldoening te weten dat wat je verricht en de keuzes die je maakt er toch een heel klein beetje toe doen. In de eerste plaats voor onze patiënt. Minder dan 1% van onze jaarlijkse patiëntenpopulatie verwoordt een klacht. Kwatongen zullen beweren dat de drempel om klachten te formuleren misschien veel te hoog is. Dat wil ik graag tegenspreken. Sint-Jan was een van de eerste ziekenhuizen om een ombudsdienst op te richten en we hebben een historiek van laagdrempeligheid. Neen, het lage aantal klachten betekent wel degelijk wat het cijfer aangeeft. Men is tevreden over de zorg. Laat ons het positieve nieuws dan ook onderstrepen i.p.v. er een negatieve connotatie aan proberen te geven. Persoonlijk vind ik het frustrerend hoe weinig aandacht men heeft voor zaken die goed lopen en hoe men telkens vervalt in negativiteit. We durven te stellen dat elk van u er in slaagt goede zorg te bieden. Goede zorg die door de patiënt gewaardeerd en naar waarde geschat wordt. Dat is de boodschap die we willen uitdragen.

Mijn carrière kreeg na de radiologie een nieuwe wending. Ook hier werd ik geroepen en kreeg ik verschijningen. Ik word inderdaad
frequent geroepen om kleinere en grotere problemen te aanhoren. De term “op te lossen” durf ik niet te gebruiken. Kwestie van
de nodige bescheidenheid en zelfrelativering te behouden. Verschijningen krijg ik geregeld tijdens de nacht. Het gaat dan om de verwerking van de “roepingen” van de dag waarbij m’n brein de gekste dingen verzint, gaande van schaapjes rond een vredig
kampvuur tot situaties waar collega’s en medewerkers mekaar bekampen. Gelukkig zijn dit maar banale dromen en overtreft de
werkelijkheid dikwijls de wildste fantasie.

Veel leesgenot

Hans Rigauts
Algemeen directeur