De wand en de onmiddellijke omgeving van de gastro-intestinale tractus zijn het onderzoeksgebied bij uitstek van de echo-endoscopie, die als tweedelijnsonderzoek wordt gebruikt bij het karakteriseren van een niet nader te omschrijven letsel, vastgesteld bij endoscopie of beeldvorming. De interventionele echo-endoscopie, een geavanceerde techniek die in AZ Sint-Jan AV wordt toegepast, voegt aan de beeldvorming nog een diagnostische en een therapeutische meerwaarde toe.

Vooruitstrevende techniek

De interventionele echo-endoscopie maakt gebruik van een sectoriële zender die ‘realtime’ beelden creëert evenwijdig aan de as van de endoscoop, zodat de arts het traject van de ingebrachte naald precies kan volgen. De procedure wordt uitgevoerd onder sedo-analgesie of onder anesthesie.

Diagnostische meerwaarde

Interventionele echo-endoscopie maakt cytohistologisch onderzoek mogelijk van aanprikbare letsels via Fijne Naald Aspiratie. FNA heeft een belangrijke impact op de stadiëring van ondermeer het bronchus- en het slokdarmcarcinoom en op het karakteriseren van toevallig gevonden klierprocessen in het mediastinum of in de nabijheid van de gastro-intestinale tractus. Het kan de heelkunde uitsluiten als curatieve behandeling na het aantonen van contralaterale klieraantasting bij het bronchuscarcinoom of van kliermetastasen in het truncus coeliacusgebied bij het proximaal gelokaliseerd slokdarmcarcinoom. Een ander voorbeeld is het overbodig maken van mediastinoscopie gezien de vlottere echo endoscopische toegang tot de subcarinale klieren en van de exploratieve laparoscopie in de uitbreidingsanalyse van het mogelijk operabel pancreascarcinoom.

FNA is ‘onvervangbaar’ wanneer de diagnose van maligniteit of van de aard van een letsel de therapeutische aanpak bepaalt, en als het aanprikken van het letsel via transcutane weg onmogelijk is of te risicovol zodat enkel een chirurgische benadering als alternatief overblijft.

“De diagnostische meerwaarde is niet langer weg te denken.”

dr. Vincent De Wilde

Risico’s en beperkingen

De Fijne Naald Aspiratie is uitgesloten bij letsels kleiner dan 5 mm, bij een afstand van meer dan 6 tot 7 cm tussen de zender en het letsel, en bij interpositie van significante bloedvaten. De morbiditeit van een FNA ‘lege artis’ is extreem laag (minder dan 2 %), mits aandacht voor stollingsstoornissen en het gebruik van antibiotica profylaxie bij de klassieke indicaties (bv. hartkleplijden), bij cystische letsels van de pancreas en bij penetratie doorheen de wand van het rectum of het colon. Als voornaamste verwikkelingen kunnen acute pancreatitis (2%) bij het aanprikken van een benigne letsel in gezond pancreasweefsel, intramurale bloeding en surinfectie van cystevocht optreden. Bacteriëmie en sepsis komen zeer zelden voor.

Indicaties voor FNA

  • peri-intestinale adenopathieën (slokdarmcarcinoom – hooggradig NHL – distaal rectumcarcinoom T1 – adenopathie
    van onbegrepen natuur)
  • mediastinale adenopathieën (niet-kleincellig longcarcinoom – adenopathie van onbegrepen natuur)
  • solide massa pancreas (differentiaaldiagnose – cytohistologische diagnose bij inoperabiliteit)
  • cystisch pancreasletsel (differentiaaldiagnose macrocystisch sereus en mucineus cystadenoom – potentieel evolutief letsel)
  • lokaal recidief van een behandeld rectumcarcinoom
  • submucosale tumor zonder echo-endoscopische kenmerken van maligniteit bij een asymptomatische patiënt

Therapeutische indicaties

  • drainage van pseudocysten en abcesholten
  • galwegdrainage en pancreatico-gastrostomie
  • neurolyse van de coeliacusknopen

 

 

Ook nog in Artikels