De eed van Hippocrates die omstreeks 400 voor Christus in het oudgrieks werd opgetekend werd ondertussen wat gemoderniseerd, maar de essentie van wat onze voorvader van de geneeskunst bedoelde, blijft standhouden. In de gemoderniseerde versie van de Orde der artsen blijven uiteraard de kernbegrippen overeind. Dit zijn zorg voor de patiënt ongeacht ras, stand, politieke overtuiging, geaardheid, beroepsgeheim, recht op correcte informatie voor de patiënt, eerbied voor de opleiders, blijven bijscholen en de eigen grenzen kennen, zorgzaam omgaan met de beschikbare middelen, collegialiteit en respectvol omgaan met de medewerkers …

Het is een eed die we allemaal als arts uit vrije wil hebben afgelegd en de essentie vormt van hoe we omgaan met de patiënt, van onze maatschappelijke rol en onze houding t.o.v. mekaar, wat we collegialiteit noemen.

Wanneer je de term collegialiteit opzoekt, dan krijg je: een relatie tussen collega’s die inhoudt dat je mekaar helpt, ondersteunt en respecteert. Deze verklaring sluit perfect aan bij de manier waarop ik vind dat we ons onderling moeten verhouden. Het is de enige weg om een optimale zorg aan onze patiënt te kunnen bieden in een kabinet, groepspraktijk, ziekenhuis, netwerk en tussen zorgverleners van andere lokale of regionale instellingen. Het is de enige manier om de moeilijke taak die we hebben dragelijk te maken omdat je weet dat je collega’s dezelfde problemen ondervinden, dezelfde hordes moeten nemen en in dezelfde en soms moeilijke omstandigheden moeten werken. De steun en het respect dat je krijgt van je ‘peers’ leidt tot een positieve dynamiek die ons beroep bijzonder uitdagend maakt en intrinsiek de uiteindelijk kwaliteit van zorg ten goede komt.

Ik kan perfect begrijpen dat er nu en dan keuzes moeten gemaakt worden die niet evident zijn, zeker in de huidige tijden van de netwerkgedachte. Keuzes die zich opdringen in welbepaalde omstandigheden binnen een welbepaalde – ongetwijfeld niet altijd eenvoudige – context. Elke keuze is het afwegen van voor- en nadelen waarna een knoop doorgehakt wordt. Elke keuze heeft positieve maar ook negatieve gevolgen. Het lijkt me niet meer dan collegiaal om bij een keuze zelf de verantwoordelijkheid te dragen voor de eventuele negatieve gevolgen. Dit proberen af te schuiven op derden strookt niet met de waarden vermeld in de eed van Hippocrates.

Dit is het 34ste voorwoord van azlink dat ik schrijf. Het was altijd m’n betrachting eigen ervaringen te delen – meestal met een humoristisch bedoelde knipoog – en die te kaderen in onze complexe beroepservaring en maatschappelijke context.

Het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV staat voor eerlijkheid en collegialiteit, gebouwd op de fundamenten van haar kennen en kunnen met een open en respectvolle houding naar elke  partner, direct of indirect verbonden aan onze instelling. Dit is en blijft de houding die wij aannemen, ook in onze rol bij netwerkvorming.

 

Veel leesgenot.

 

 

Hans Rigauts

Algemeen directeur

AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV

 

U kunt de volledige azlink 34-editie hier als pdf downloaden.